Volledig scherm
PREMIUM
© REUTERS

Na twee weken quarantaine vanwege het corona-virus kon Lisanne haar vader weer knuffelen

Drie weken geleden stuurde mijn vader in de familie-app een foto van een coronaflesje. Het coronavirus was inmiddels letterlijk maar ook figuurlijk over de wereld verspreid. Iedereen wist ervan, dus ook mijn vader, die met zijn vriendin Marjon op noorderlichtjacht in Finland was. Als de eerste schrik van een redelijk-ver-weg-ramp is geweest, komen er voorzichtige grappen die de plank misslaan of juist raken.

Maar mijn vader maakte de grap om zijn eigen situatie in te leiden. Die man had het namelijk gepresteerd om úren lang bij een Chinese vrouw in een toeristenbusje te zitten die besmet was met het coronavirus. ,,HOE KRIJG JE DAT VOOR ELKAAR”, riep ik door de telefoon na zijn berichtje dat hij gecheckt moest worden door een arts. ,,IN EEN VAN DE DUNST BEVOLKTE LANDEN VAN EUROPA. EEN VIRUS UIT CHINA. EN UITGEREKEND JÍJ ZIT IN DAT BUSJE.”