Volledig scherm
PREMIUM
Gerhard Kwak in museum Smedekinck in Zelhem. © Jan van den Brink

Nog maar weinig mensen kennen de vochtige damp en weeïge geur bij het opensnijden van een varken

WINTERSWIJK/ZELHEM - November was tot midden vorige eeuw de slachtmaand. Het moment dat het vetgemeste varken werd geslacht en de boerenfamilie een rijke wintervoorraad vlees op de plank kreeg.

Familie, knechten en noabers hielpen mee en na afloop was er de slachtvisite. Dan kwam de hele buurt om te proeven en er traditiegetrouw een borrel bij te drinken. De generatie die nog kan vertellen over het slachten, de gebruikte technieken, gereedschappen en de manier waarop het vlees houdbaar werd gemaakt, wordt kleiner.

Oud-Winterswijker Gerhard Kwak (74), die werkte als slager en later als publicist en redacteur van diverse vakbladen over het slagersvak, deed onderzoek naar de eeuwenoude werkmethode en maakte daarover het recent verschenen boek Slachtvisite.

De Gelderlander gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement. Reacties van mensen die de nickname anonymous, anoniem of een variant daarop voeren, worden niet geplaatst.

Achterhoek