Volledig scherm
Anders dan de binnenstadsbewoner meent, is er volgens de Raad van State geen sprake van een onlosmakelijke samenhang tussen de evenementenkalender van Zutphen en de verstrekking van een vergunning.

Strijd binnenstadbewoner tegen geluidsoverlast evenementen in Zutphen strandt bij Raad van State

Een inwoner van de Zutphense binnenstad heeft zonder succes de gemeentelijke evenementenkalender tot aan de Raad van State aangevochten in zijn strijd tegen geluidsoverlast van evenementen. Om de geluidshinder te kunnen aanvechten spande de man een zaak aan tegen de door het college vastgestelde evenementenkalender.

De rechtbank verklaarde zich in oktober vorig jaar onbevoegd, omdat de rechter constateerde dat de evenementenkalender geen rechtsgevolg heeft en dus ook niet bij de rechter kan worden aangevochten. Plaatsing van een evenement op de kalender, brengt op zichzelf namelijk geen via de rechter afdwingbaar recht op een vergunning met zich mee. Van een toezegging door plaatsing op die kalender was volgens de rechtbank dan ook geen sprake.

De binnenstadsbewoner ging daartegen in beroep. De vermelding op de kalender kan volgens de man niet anders worden gezien dan als een toezegging dat de burgemeester bereid is de vergunning te verlenen. Evenementen op de evenementenkalender krijgen namelijk vrijwel altijd een evenementenvergunning, voerde hij onder anderen aan. Ook schreef de gemeente Zutphen bij de vaststelling van de kalender dat daarmee wordt beoogd om duidelijkheid te geven aan organisatoren van evenementen.

Geen rechtshandeling

De Raad van State geeft de man echter niet gelijk. Volgens het hoogste rechtsorgaan heeft de rechtbank terecht geoordeeld dat het vaststellen van de evenementenkalender geen rechtshandeling is. Het is namelijk niet noodzakelijk dat een evenement op de evenementenkalender vermeld staat voordat er een evenementenvergunning wordt verleend. Weliswaar is in 2017 en 2018 voor nagenoeg alle op de kalender geplaatste evenementen een evenementenvergunning verleend, maar - anders dan de binnenstadsbewoner meent - is er geen sprake van een onlosmakelijke samenhang tussen kalender en vergunning.

Het komt namelijk regelmatig voor dat er evenementenvergunningen worden verleend voor evenementen die niet op de evenementenkalender staan, constateert de Raad van State. Ook is het voorgekomen dat een evenement wel op de kalender stond, maar daarvoor uiteindelijk geen vergunning werd verleend. Van een onvoorwaardelijke toezegging van de burgemeester dat bij plaatsing op de evenementenkalender de vergunning zal worden verleend, is naar het oordeel van de Raad van State dan ook geen sprake. Met de vaststelling van de kalender is bovendien niet alleen beoogd om aan organisatoren duidelijkheid te verschaffen over de te verwachten evenementen. Ook wordt aan omwonenden, ondernemers en hulpdiensten duidelijkheid gegeven.